Sessie 27: in de ban van de kubus

 Onze helden kijken in de volgende kamer en zien daar het lichaam van Jekkajak, kobold priest van Droskar, met de ogen dichtgenaaid. Hij houdt een rare metalen kooi met allemaal runes (Kooi van gruwelijke ondervraging) vast, waarin jullie het hoofd van Edgrin herkennen, de avonturier dwerg die jullie hier eerder hebben gered in de gangen onder het klooster, en die gevangen werd na de val van Falcon’s Hollow. Jekkajak zegt: “Wee stervelingen, kom nader en jullie lot is besloten. Als smeltend ijzer op een aambeeld zullen jullie worden gesmeed door onze heer en meester, Droskar, gevormd naar zijn wil in het helse fornuis, en nadat jullie een eeuwigheid gaan hebben gekend van zwoegen, zweten en lijden, gaan jullie zielen zijn ketting vervoegen en versterken. Kom nader en buig voor jullie lot”.

Diesel begint te vechten met de priester, die met zijn vingers de ogen van Diesel probeert eruit te peuteren. De priester gooit ook de kooi met het hoofd naar Aruna, die bewusteloos valt.

In dezelfde kamer achter hem ziet Crech een tafel met maquette, dat een kaart is van de regio. Crech en Xanbul herkennen het dorp van Falcon’s Hollow met een stokje met de vlag van een hamer. Ook te zien is het dorp waar Crech opgroeide, Skeggold, met een vlagje met het teken van een vlam. Aan de muur hangt een slogan:

Het fornuis moet blijven branden,

Het ijzer gloeit rood erbij,

Luiheid en ledigheid ten schande,

arbeid maakt vrij.

Crech en Diesel beginnen de trappen af te dalen maar met een klik veranderen die in een glijbaan en beiden komen terecht in een rare geleiachtige kubus, die begint hen langzaam te verpletteren en verteren.


Hoewel Crech bijna het loodje legt na bewusteloos in de kubus te zitten en Diesel een raar zwart wezen uit zijn borstkas moet halen, slagen ze er uiteindelijk in met Aruna bewusteloos in de trappengang, de kubus te immobiliseren met Xanbul’s giftige wolk en Crech met spinnenkracht via het plafond binnen te geraken.

Crech ziet geen andere deuren om de kamer te verlaten, maar wel in het midden van de achtermuur, een standbeeld van de gespierde gebaarde smidgod Droskar, die een hamer vasthoudt en staat op een fornuis, waarop staat geschreven: uw vuur brandt in ons, uw licht gidst ons. Als Creche in de spiegel kijkt ziet hij de vuurdemon die hem had verslagen en die zijn moeder en vele van de andere orken van zijn dorp had vermoord. Diesel, heel verzwakt, geraakt ook binnen en probeert een schatkist te openen, die echter een mimiek blijkt te zijn. 


Als Xanbul het ook waagt erin te kijken ziet hij insecten uit zijn mond, ogen en oren komen, overal onder zijn kleren. We verlaten onze helden terwijl Crech en Xanbul worstelen met hun ergste vrezen, terwijl Diesel’s arm nog tussen de tanden van de mimiek zit…

Comments

Popular posts from this blog

Sessie 1: De begin ontmoeting

Sessie 23: Nacht van de Rode Maan en het Zilveren Bloed